Stads- en streekpost bestaat uit verschillende typen bedrijven die allemaal gemeen hebben dat zij niet de (geprivatiseerde) staatspostdienst zijn. In Nederland is dat het bedrijf dat via de Postwet oorspronkelijk het monopolie had, PTT, totdat delen voor Lees verder
Stads- en streekpost bestaat uit verschillende typen bedrijven die allemaal gemeen hebben dat zij niet de (geprivatiseerde) staatspostdienst zijn. In Nederland is dat het bedrijf dat via de Postwet oorspronkelijk het monopolie had, PTT, totdat delen voor het eerst in 1984 door de rechter werden vrijgegeven.
De verschillende typen bedrijven die zich met particuliere postbezorging bezighielden en houden zijn:
De oudst bekende dienst was de Amsterdamse Besteldienst (ABD) uit de jaren 1890, maar de overige postdiensten kwamen op in 1969 en later. Op het hoogtepunt waren het er rond de 600. Anno 2024 zijn het er een kleine 40.
Niet alle postdiensten geven ook postzegels uit. In tegenstelling tot de staatspostdienst zijn ze ook niet verplicht om hun zegels ergens te laten registreren. De Studiegroep Particuliere Postbezorging (SPP) houdt sinds enkele tientallen jaren verschijning van nieuwe uitgiften, oprichting en staken van postdiensten en meer bij. Zij leveren daarmee de meest complete naslag voor het verzamelgebied. Naast de stadspostzegelcatalogus 2009 en die van 2012-2013 en diverse internetbronnen vormt de catalogus van de SPP een belangrijke bron van informatie.
In dit verzamelgebied staat in Uitgiftetitel en Uitgever telkens "[Plaatsnaam] [Romeins cijfer]". Elke postdienst wordt op die manier geduid. Een Kamer van Koophandel-registratie is daarbij leidend. Nieuwe registratie is nieuw cijfer. Gewijzigde registratienaam behoudt het cijfer. Als je de postdienst uit de uitgiftenaam zou weglaten dan zouden gelijknamige uitgiften van postdiensten uit het hele land onterecht bij elkaar vallen, zoals bijvoorbeeld “Kerstzegels”.
De lokale catalogus is die van de SPP. Deze geeft uitgiften een vijfcijferige identificatie vanaf 00001. Zegels worden binnen de postdienst opgenummerd vanaf 1 en worden hier samen met het uitgiftenummer vermeld op de volgende wijze "[zegelnummer] | [uitgiftenummer]". Voor de volgende soorten bestaat een postfix optioneel gevolgd door een volgnummer vanaf 1 als er meer van dezelfde soort staan in de uitgifte:
Series, se-tenants, brugparen, keerdrukken worden met "[zegelnummers] | [uitgiftenummer]" geduid. Variëteiten, anders dan drukgangen, hebben geen eigen identificatie in deze catalogus en worden met het hoofdnummer opgenomen.
Bronnen: