Sète — tot 1928 geschreven als Cette — is een Franse gemeente in het zuidoosten van het departement Hérault, in de regio Occitanië. Lees verder

Sète — tot 1928 geschreven als Cette — is een Franse gemeente in het zuidoosten van het departement Hérault, in de regio Occitanië.
De stad heeft een mediterraan klimaat en wordt doorkruist door het kanaal van de Rhône naar Sète, dat de stad rechtstreeks verbindt met het binnenland. Dankzij haar ligging tussen de Middellandse Zee en het Étang de Thau beschikt Sète over een rijk en gevarieerd natuurlandschap.
Sète bezit een bijzonder natuurlijk erfgoed. Op haar grondgebied liggen drie Natura 2000-gebieden: de zeegrasvelden van het meer van Thau, de corniche van Sète en het meer van Thau en het strand van Sète in Agde.
Daarnaast zijn er het beschermde gebied Lido de Thau en zes zones die erkend zijn als natuurgebieden van ecologisch, faunistisch en floristisch belang.
Sète telt ongeveer 45.000 inwoners. De stad is de kern van de agglomeratie Sète en vormt het centrum van haar verzorgingsgebied. De inwoners worden Sétois (mannen) en Sétoises (vrouwen) genoemd.
De agglomeratie van Sète telt ongeveer 96.000 inwoners en is daarmee de derde grootste van het departement.
Sète wordt ook wel “het bijzondere eiland” genoemd, een uitdrukking van Paul Valéry, die er werd geboren. Andere bekende Sétois zijn: Georges Brassens, Manitas de Plata en Jean Vilar.
Hun werk draagt bij aan het sterke culturele imago van de stad.
Sète wordt vaak het “kleine Venetië van de Languedoc” genoemd. Dat komt door de kanalen die het stadscentrum doorkruisen en door de ligging tussen zee, vijver, kanalen en doorgangen naar zee (graus), tegen de hellingen van de Mont Saint-Clair.
De stad is via een lange strandboulevard verbonden met Marseillan, wat haar tot een populaire vakantiebestemming maakt. Tegelijk blijft Sète een actieve vissers- en handelshaven. Ondanks de sterke concurrentie van andere Middellandse Zeehavens heeft de stad haar maritieme karakter en economische betekenis weten te behouden.